Focus Pierre Boulez 1925-2016

Pierre Boulez
Pierre Boulez © Harald Hoffmann / DG

Hij stelde zijn wiskundig genie in dienst van de muziek, maar wat Pierre Boulez ook componeerde of dirigeerde, onder de oppervlakte verschool zich altijd iets diep menselijks en sensueels. Hij bleef een Fransman, zeker in zijn liefde voor klank.

Boulez was de laatste icoon van een revolutionaire generatie

Wat had de muziek de mensheid nog te vertellen na twee wereldoorlogen en een massamoord in het hart van de Europese beschaving? Voor die vraag zag een nieuwe generatie componisten zich gesteld na 1945. Kampbeulen in Auschwitz konden overdag gewetenloos duizenden joden vermoorden en in de avonduren genieten van Schubert-liederen. De kunst viel niet uit protest van de muur in musea in München of Weimar, steden waarbuiten zich op luttele kilometers een concentratiekamp bevond. Mooie noten hadden het barbarisme van de Holocaust niet buiten de deur kunnen houden. Sterker nog: de nazi-propagandamachine wendde muziek aan om de sentimenten nog wat op te stoken. Er was sprake van een crisis in de kunst. Het was in die tijd dat de jonge Fransman Pierre Boulez besloot zijn wiskundige genie te gebruiken voor het scheppen van een nieuwe muziekvorm: het serialisme. Vorige week stierf hij op negentigjarige leeftijd als laatste van een generatie die het aangezicht van de muziek veranderde.

‘Van dat strenge serialisme had iedereen na een maand genoeg’

220 boulezZoveel aandacht als de onverwachte dood van David Bowie genereerde Boulez’ overlijden niet. De Fransman was de laatste jaren langzaam uit de publieke aandacht verdwenen. Hij liet geen groot oeuvre na: niet veel meer dan zo’n dertig werken waaraan hij gedurende de jaren bleef schaven. Muziek moest, vond hij, iets nieuws te vertellen hebben en anders kon je het beter niet schrijven. Vlak na de oorlog groeiden de noten onder zijn handen uit tot ultieme abstracties – formules die geheel werden ontdaan van gevoel, want dat had in de voorgaande jaren alleen maar ellende voortgebracht.
Boulez was compromisloos. Componisten die liepen langs het tonale pad, dat ook bewandeld was door beroemde voorgangers als Bach, Beethoven en Brahms waren in zijn ogen nullen, musici die niet begrepen wat het huidige tijdsgewricht nodig had. Zoals Joep Stapel in de NRC de opvattingen van Boulez beschreef: ‘Muzikale ontwikkeling diende te geschieden langs rationele coördinaten, niet die van de persoonlijke emotie.’ Maar die houding viel niet vol te houden. Tegen de Nederlandse blokfluitist Erik Bosgraaf zei Boulez later: ‘Dat strenge serialisme heeft een maand geduurd, toen had iedereen er wel genoeg van.’ In de muziek van Boulez is ook altijd een mooie klankkleur, warmte en sensualiteit te vinden, wat er bij zijn navolgers nog wel eens aan ontbrak.

‘Boulez was in zekere zin een intimiderende persoonlijkheid’

Het waren, vindt dirigent en componist Reinbert de Leeuw, ook vooral die Boulez-aanhangers die zich onbuigzaam opstelden tegenover andere stromingen. ‘Ik begrijp dat compromisloze van Boulez wel, want componisten moeten kiezen, anders komt er niets tot stand. Omhelzen en afwijzen is de kern van het scheppingsproces.’ Boulez was in zijn ogen en oren een indrukwekkend genie. ‘Zijn stukken hebben de muziek veranderd. Ik vond het allemaal zelfs zo intimiderend, dat ik zelf grotendeels met ben componeren gestopt’, zegt De Leeuw. ‘Hier kon ik niet tegenop.’
Boulez mocht graag het kussen van de muziek opschudden met provocaties, zoals de uitspraak dat wat hem betreft alle operahuizen mochten afbranden. Maar de soep werd zelden zo heet gegeten als hij hem opdiende. Bij wie hem ontmoette, bleef het beeld hangen van een vriendelijk en behulpzaam man.
Vanaf de jaren zestig legde hij zich steeds meer toe op het dirigeren van orkesten. Ook daarin zag je het karakter van de wiskundige terug zo precies waren zijn gebaren en interpretaties, maar hij was en bleef een Fransman, en tussen alle notenbalken door bleef ook altijd de hartstocht voelbaar.


Stravinsky VKLees en luister ook