Één zwaan zien is al een bijzonder aanblik, laat staan er zestien zien opvliegen. Precies dat maakte de Finse componist Jean Sibelius mee op 21 april 1915. ‘Een van de grootste ervaringen van mijn leven,’ noteerde hij in zijn dagboek. Twintig jaar eerder componeerde hij al eens een symfonisch gedicht over een zwaan. Het stuk opent langzaam en somber, met donkere, trage klanken van strijkers en houtblazers, die samen Tuonela, het dodenrijk uit de Finse mythologie, verklanken. Daarboven soleert een Engelse hoorn, die met een lange, melancholieke melodie een eenzame zwaan tot klinken brengt.