Componist John Dowland

John Dowland (ca. 1563-1626) was de meester van de melancholie. Emoties als verlangen, verdriet en weemoed wist hij op een heel directe en gevoelige manier tot klinken te brengen. Zijn liederen, vaak begeleid door luit, behoren tot de hoogtepunten van de Engelse renaissancemuziek en inspireren ook (pop)artiesten van nu tot originele arrangementen.
Tranentrekkende tophit
John Dowlands luitlied Flow my tears was begin zeventiende eeuw een regelrechte tophit. Het stuk was in heel Europa bekend, vooral door het kenmerkende treurige motief van vier dalende noten. Dowland was zich goed bewust van zijn reputatie als melancholieke componist en gaf een stuk voor viola da gamba-ensemble de veelzeggende titel Semper Dowland, semper dolens (Latijn voor ‘Altijd Dowland, altijd treurig’). Toch schreef hij ook volop vrolijke liederen en geestige instrumentale dansen. Hij gold als een van de grootste talenten van zijn generatie, met een mooie zangstem en een uitzonderlijke beheersing van de luit.
Lang op zoek naar erkenning
Het duurde opvallend lang voordat Dowland in Engeland de erkenning kreeg die hij verdiende. Het grootste deel van zijn carrière speelde zich af op het Europese vasteland, waar men zijn kwaliteiten sneller op waarde schatte. Over zijn leven is relatief weinig bekend; zelfs zijn exacte geboortedatum blijft onzeker. In de jaren 1580 vertrok hij naar Parijs, waar hij werkte voor een Engelse ambassadeur aan het Franse hof. Volgens Dowland bekeerde hij zich daar tot het katholicisme. Later behaalde hij echter een muziekdiploma aan de universiteit van Oxford, waarvoor hij officieel de anglicaanse geloofsartikelen moest onderschrijven. Mogelijk hield hij zijn katholieke overtuiging verborgen, iets wat zou kunnen verklaren waarom hij herhaaldelijk geen aanstelling aan het Engelse hof kreeg.
Religieus verraad
Tegen de jaren 1590 stond Dowland bekend als een van de beste luitspelers van zijn tijd. Met zijn talent en zijn uitgebreide netwerk in adellijke kringen leek een positie aan het hof van koningin Elizabeth I binnen handbereik. Toch werd hij gepasseerd. In 1594 vertrok hij daarom opnieuw naar het continent, waar hij in dienst trad aan het hof van Wolfenbüttel in Nedersaksen. Een jaar later reisde hij naar Italië, met het plan om in Rome te studeren bij de beroemde madrigaalcomponist Luca Marenzio. Daar kwam het echter niet van: hij raakte betrokken bij een groep Engelse katholieken in Florence. Toen hij besefte dat dit in Engeland als verraad kon worden gezien, verliet hij halsoverkop het land.
Uitzonder hoog salaris
In 1598 trad Dowland in dienst van de Deense koning Christiaan IV, waar hij tot 1606 bleef en een uitzonderlijk hoog salaris ontving. Hij hoopte dat deze prestigieuze positie zijn kansen op een vergelijkbare functie in Engeland zou vergrote, zeker omdat de nieuwe Engelse koning, James I, getrouwd was met Christiaans zus. Na nog enkele jaren in dienst van verschillende adellijke huizen te hebben gewerkt, kreeg Dowland in 1612 eindelijk een aanstelling aan het Engelse hof. Hij overleed in 1626, met een uitstekende reputatie in zowel Engeland als op het continent, als componist én als luitist.
‘To see, to hear, to touch, to kiss, to die’
Hoewel Dowlands oeuvre niet bijzonder omvangrijk is, weerspiegelt het wel veel belangrijke muzikale ontwikkelingen van zijn tijd, zowel qua stijl als vorm. Hij componeerde onder meer psalmzettingen, solostukken voor luit en muziek voor ensembles. Tot zijn bekendste luitwerken behoren de Frog Galliard en Sir John Langton’s Pavan. Het meest beroemd is Dowland echter om zijn liederen met luitbegeleiding, die hij vaak ook bewerkte voor zang-ensembles. Zijn gevoel voor de ritmiek en retoriek van de tekst is bijzonder verfijnd. In Come Again (uit The First Book of Songs, 1597) is goed te horen hoe hij de muzikale frasering aanpast aan de betekenis van de woorden. De opening wordt gevolgd door een korte, geladen stilte. Later blijft de muziek bijna peinzend hangen op de slotwoorden van de regel: ‘To see, to hear, to touch, to kiss, to die’.
Beroemde bewerkingen
De grote reputatie die Dowland bij zijn leven opbouwde, is in de eeuwen daarna alleen maar versterkt. Zijn liederen worden nog altijd uitgevoerd, ook buiten de wereld van de oude muziek. Zangers zo uiteenlopend als de Peter Pears, Elvis Costello en Sting namen ze op in hun repertoire. Dankzij de heldere muzikale taal en de directe emotionele zeggingskracht blijven Dowlands liederen tot op de dag van vandaag verrassend toegankelijk, net zo indringend als in de zeventiende eeuw.
Lees en luister ook
Componist De Engelse virginalisten
Muziek en Liefdesverdriet
Top 15 Elegieën
De vergelijking Bachs Chaconne
Componist Bach
Het meesterwerk Klaagliederen



