De meeste hedendaagse musicologen en biografen gaan er inderdaad van uit dat Tsjaikovski homoseksueel was, al heeft hij dit nooit publiekelijk kunnen uitspreken. In het 19e-eeuwse Rusland was homoseksualiteit een maatschappelijk taboe, waardoor openheid hierover risico’s met zich meebracht. Uit zijn brieven en dagboeken blijkt dat hij gevoelens had voor mannen en worstelde met zijn identiteit. Deze documenten zijn echter pas recent volledig en ongecensureerd gepubliceerd; eerdere uitgaven werden bewerkt door Russische censoren. De brieven bevatten namelijk gevoelige passages, gericht aan andere mannen. Zo schreef Tsjaikovski bijvoorbeeld: “Mijn God, wat een engelachtig schepsel, en wat verlang ik ernaar zijn slaaf te zijn, zijn speeltje, zijn bezit!”
Zijn mislukte huwelijk met Antonina Miliukova wordt vaak geïnterpreteerd als een poging om aan maatschappelijke verwachtingen te voldoen. Tegelijk is voorzichtigheid geboden: het blijft lastig om moderne identiteitslabels zonder meer toe te passen op historische figuren. Wat wel buiten kijf staat, is dat zijn innerlijke spanningen en emotionele intensiteit vaak in verband worden gebracht met de uitzonderlijke expressiviteit van zijn muziek.